Sinterklaas was bij ons thuis een feest van creativiteit. We waren met vijf kinderen, en zodra we het grote geheim kenden, begonnen de surpriseavonden. Mijn jongste broer en ik namen het Heel Serieus. In de herfstvakantie zaten we al op zijn zolderkamer, tussen de dozen technisch Lego, karton en restanten van eerdere knutselprojecten.
Hij bouwde constructies die moesten bewegen, draaien of iets onthullen. Ik schreef gedichten, meestal voor iedereen. Want als je eenmaal begint, kun je moeilijk stoppen. De lol zat niet alleen in het geven, maar ook in het bedenken. In het stiekeme overleg, het knutselen, het samen iets maken voor de ander.
Op het moment suprême werkte het Lego-mechaniek natuurlijk niet. Maar dat hoorde erbij. Dan werd er gelachen, geprutst, en uiteindelijk toch uitgepakt. De gedichten werden voorgelezen, vaak met een schaterlach. Het was warm, rommelig, en vol herinneringen.
