Tja, noem het een beginnersfoutje…
Spoiler alerts… Lees niet verder als je ‘Rancune’ of ‘Gesmoord’ nog niet hebt gelezen.
Toen ik bezig was om ‘Rancune’, het eerste deel, af te ronden, stond het idee voor deel twee al lang en breed op papier. Wat zal ik zeggen, ik werk graag vooruit 😉 Ook nu heb ik al de plotlijnen voor de komende twee verhalen op papier staan. Het verhaal zou gaan over een restaurant, namelijk 1633 in Halsteren. Ik had met de eigenaar, Marco Mol, gesproken en die had zijn toestemming gegeven om zijn naam en restaurant te mogen gebruiken in het boek. Hoera!
Als werktitel had ik ‘Kookpunt’ bedacht. Het leek me heel passend bij het karakter van de moordenaar, en de aard van de moord. Alleen…
Hier kun je nog stoppen, als je geen spoilers wilt. Oftewel, enter at your own risk.
Gaandeweg bedacht ik dat het leuker zou zijn als Marco de hele nacht lag te sudderen en het personeel ’s morgens dacht: hé, wat ruikt daar zo lekker? En dat lukt niet als hij in een pannetje ligt te borrelen. Sorry, Marco.
Als schrijver van thrillers doe ik veel research naar wat er met het menselijk lichaam gebeurt als er het een en ander mee gebeurt. Zoals Jonas in Rancune vertelt hoe hij heeft gezien dat het lichaam van het derde slachtoffer bevroren was geweest: het was op celniveau veranderd.
Ook voor deze moord dook ik in dat enorme archief waar onuitputtelijk veel informatie te vinden is, het internet. Wat gebeurt er met een lichaam als dat langdurig op een bakplaat ligt? Dat wordt langzaam gaar, natuurlijk. En vlees – van welke afkomst dan ook – geeft dan een bepaalde geur af.
Ik moest meteen denken aan een kort verhaal van Stephen King. In het Engels is het getiteld Night Surf, in het Nederlands vertaald als Doodtij, en later zou hij het uitwerken tot The Stand, in mijn ogen een van zijn beste verhalen.
